We zorgen er samen voor

Inleiding

Bij een inleiding wordt de bevalling opgewekt. Meestal worden de weeën met behulp van medicijnen en/of een ballon op gang gebracht. Een inleiding vindt altijd plaats op de verloskamers. De bevalling wordt begeleid door een klinisch verloskundige, een arts-assistent of een gynaecoloog.

Redenen om in te leiden

De gynaecoloog kan een inleiding adviseren. Veelvoorkomende redenen voor een inleiding zijn:

  •  overtijd raken (vanaf 41 weken zwangerschap);
  • als er minder vruchtwater aanwezig is of als er teveel andere klachten zijn;
  • langdurig gebroken vliezen;
  • groeiachterstand bij het kind;
  • hoge bloeddruk en zwangerschapsvergiftiging (Pre-eclampsie);
  • verminderde doorbloeding van de placenta.

Als het nodig is om je kindje eerder te laten komen, kan dit op verschillende manieren. Dit wordt beoordeeld met een inwendig onderzoek. Ook de situatie speelt een rol: is er spoed of niet? Bij een spoedsituatie is het soms niet mogelijk om in te leiden en wordt gekozen voor een keizersnede.

Gel of ballon

Om een zwangere vrouw in te kunnen leiden moet de baarmoedermond rijp en gunstig aanvoelen: verweekt, verkort en/of wat geopend zijn. Meestal wordt dit gedaan met een balloncatheter. Dit is een slangetje waar aan het eind een ballon opgeblazen kan worden.

De ballon wordt via een inwendig onderzoek ingebracht. Na een dag wordt beoordeeld of de ballon losgekomen is van de baarmoedermond. Als dat zo is heb je namelijk ontsluiting en kunnen daarna meestal de vliezen gebroken worden.

Een onrijpe baarmoedermond kan ook rijp gemaakt worden met behulp van een medicijn misoprostol. De misoprostol kan vaginaal via een inwendig onderzoek ingebracht worden bij de baarmoedermond of soms ook via tabletten oraal. Na de toediening kun je harde buiken krijgen. Soms gaan deze over in weeën en komt de bevalling spontaan op gang. De tabletten worden meestal viermaal per dag gegeven, tenzij de vliezen breken of de bevalling na de eerste of tweede toediening doorzet. Bij zowel de misoprostol als de ballon blijf je opgenomen op de zwangerenafdeling.

Infuus

Is de baarmoedermond voldoende gerijpt (spontaan, door de ballon of door de gel) dan kunnen de weeën op gang gebracht worden. De eerste stap daarbij is het breken van de vliezen (amniotomie). Dit gebeurt tijdens een inwendig onderzoek en is niet pijnlijk. Door het breken van de vliezen komen er hormonen vrij die de weeën op kunnen wekken. Werkt het breken van de vliezen niet, dan worden de weeën via een infuus met medicijnen (oxytocine) opgewekt. De hoeveelheid medicatie wordt langzaam opgebouwd totdat de weeën goed op gang gekomen zijn. Wanneer de weeën goed op gang gekomen zijn, verloopt de bevalling hetzelfde als bij een ‘normale’ bevalling. Naarmate de ontsluiting vordert worden de weeën heviger en pijnlijker.

Soms komt het voor dat de weeën te snel achter elkaar komen. De hartslag van je kindje kan daarop reageren. Om dit te verhelpen wordt de hoeveelheid medicatie lager gezet. Soms is toediening van een weeënremmend medicijn nodig. Hiermee worden de weeën tijdelijk afgeremd. De conditie van je kindje wordt dan ook de continu bewaakt met CTG-bewaking (hartfilmpje). Dit kan uitwendig via de buik van de moeder of inwendig met een draadje op het hoofdje van je kindje.